Dutch-Norwegian translation of bijliggen

Translation of the word bijliggen from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

bijliggen in Norwegian

bijliggen
nautischverb legge bi
Similar words

 
 

bijliggen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
bijliggenbijliggendbijgelegen
Present
iklig bij
jijligt bij
hijligt bij
wijliggen bij
jullieliggen bij
zijliggen bij
Present perfect
ikheb bijgelegen
jijhebt bijgelegen
hijheeft bijgelegen
wijhebben bijgelegen
julliehebben bijgelegen
zijhebben bijgelegen
Past
iklag bij
jijlag bij
hijlag bij
wijlagen bij
jullielagen bij
zijlagen bij
Past perfect
ikhad bijgelegen
jijhad bijgelegen
hijhad bijgelegen
wijhadden bijgelegen
julliehadden bijgelegen
zijhadden bijgelegen
Future
ikzal bijliggen
jijzult bijliggen
hijzal bijliggen
wijzullen bijliggen
julliezullen bijliggen
zijzullen bijliggen
Future perfect or future anterior
ikzal bijgelegen hebben
jijzult bijgelegen hebben
hijzal bijgelegen hebben
wijzullen bijgelegen hebben
julliezullen bijgelegen hebben
zijzullen bijgelegen hebben
Conditional
Imperfect
ikzou bijliggen
jijzou bijliggen
hijzou bijliggen
wijzouden bijliggen
julliezouden bijliggen
zijzouden bijliggen
Perfect
ikzou bijgelegen hebben
jijzou bijgelegen hebben
hijzou bijgelegen hebben
wijzouden bijgelegen hebben
julliezouden bijgelegen hebben
zijzouden bijgelegen hebben
Imperative
Affirmative
jijlig bij
Your last searches