Dutch-Norwegian translation of communiceren

Translation of the word communiceren from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

communiceren in Norwegian

communiceren
algemeenverb kommunisere
  godsdienst - katholiekverb motta nattverden
  gesprekverb kommunisere
Similar words

 
 

communiceren as verb
InfinitivePresent participlePast participle
communicerencommunicerendgecommuniceerd
Present
ikcommuniceer
jijcommuniceert
hijcommuniceert
wijcommuniceren
julliecommuniceren
zijcommuniceren
Present perfect
ikheb gecommuniceerd
jijhebt gecommuniceerd
hijheeft gecommuniceerd
wijhebben gecommuniceerd
julliehebben gecommuniceerd
zijhebben gecommuniceerd
Past
ikcommuniceerde
jijcommuniceerde
hijcommuniceerde
wijcommuniceerden
julliecommuniceerden
zijcommuniceerden
Past perfect
ikhad gecommuniceerd
jijhad gecommuniceerd
hijhad gecommuniceerd
wijhadden gecommuniceerd
julliehadden gecommuniceerd
zijhadden gecommuniceerd
Future
ikzal communiceren
jijzult communiceren
hijzal communiceren
wijzullen communiceren
julliezullen communiceren
zijzullen communiceren
Future perfect or future anterior
ikzal gecommuniceerd hebben
jijzult gecommuniceerd hebben
hijzal gecommuniceerd hebben
wijzullen gecommuniceerd hebben
julliezullen gecommuniceerd hebben
zijzullen gecommuniceerd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou communiceren
jijzou communiceren
hijzou communiceren
wijzouden communiceren
julliezouden communiceren
zijzouden communiceren
Perfect
ikzou gecommuniceerd hebben
jijzou gecommuniceerd hebben
hijzou gecommuniceerd hebben
wijzouden gecommuniceerd hebben
julliezouden gecommuniceerd hebben
zijzouden gecommuniceerd hebben
Imperative
Affirmative
jijcommuniceer
Your last searches