Dutch-Norwegian translation of helemaal afbetalen

Translation of the word helemaal afbetalen from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

helemaal afbetalen in Norwegian

helemaal afbetalen
schuldverb betale fullt ut
Similar words

 
 

helemaal afbetalen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
helemaal afbetalenhelemaal afbetalendgehelemaal afbetaald
Present
ikhelemaal afbetaal
jijhelemaal afbetaalt
hijhelemaal afbetaalt
wijhelemaal afbetalen
julliehelemaal afbetalen
zijhelemaal afbetalen
Present perfect
ikheb gehelemaal afbetaald
jijhebt gehelemaal afbetaald
hijheeft gehelemaal afbetaald
wijhebben gehelemaal afbetaald
julliehebben gehelemaal afbetaald
zijhebben gehelemaal afbetaald
Past
ikhelemaal afbetaalde
jijhelemaal afbetaalde
hijhelemaal afbetaalde
wijhelemaal afbetaalden
julliehelemaal afbetaalden
zijhelemaal afbetaalden
Past perfect
ikhad gehelemaal afbetaald
jijhad gehelemaal afbetaald
hijhad gehelemaal afbetaald
wijhadden gehelemaal afbetaald
julliehadden gehelemaal afbetaald
zijhadden gehelemaal afbetaald
Future
ikzal helemaal afbetalen
jijzult helemaal afbetalen
hijzal helemaal afbetalen
wijzullen helemaal afbetalen
julliezullen helemaal afbetalen
zijzullen helemaal afbetalen
Future perfect or future anterior
ikzal gehelemaal afbetaald hebben
jijzult gehelemaal afbetaald hebben
hijzal gehelemaal afbetaald hebben
wijzullen gehelemaal afbetaald hebben
julliezullen gehelemaal afbetaald hebben
zijzullen gehelemaal afbetaald hebben
Conditional
Imperfect
ikzou helemaal afbetalen
jijzou helemaal afbetalen
hijzou helemaal afbetalen
wijzouden helemaal afbetalen
julliezouden helemaal afbetalen
zijzouden helemaal afbetalen
Perfect
ikzou gehelemaal afbetaald hebben
jijzou gehelemaal afbetaald hebben
hijzou gehelemaal afbetaald hebben
wijzouden gehelemaal afbetaald hebben
julliezouden gehelemaal afbetaald hebben
zijzouden gehelemaal afbetaald hebben
Imperative
Affirmative
jijhelemaal afbetaal
Your last searches