Dutch-Norwegian translation of heten

Translation of the word heten from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

heten in Norwegian

heten
naam - intransitiefverb hete
Similar words

 
 

heten as verb
InfinitivePresent participlePast participle
hetenhetendgeheten
Present
ikheet
jijheet
hijheet
wijheten
jullieheten
zijheten
Present perfect
ikheb geheten
jijhebt geheten
hijheeft geheten
wijhebben geheten
julliehebben geheten
zijhebben geheten
Past
ikheette
jijheette
hijheette
wijheetten
jullieheetten
zijheetten
Past perfect
ikhad geheten
jijhad geheten
hijhad geheten
wijhadden geheten
julliehadden geheten
zijhadden geheten
Future
ikzal heten
jijzult heten
hijzal heten
wijzullen heten
julliezullen heten
zijzullen heten
Future perfect or future anterior
ikzal geheten hebben
jijzult geheten hebben
hijzal geheten hebben
wijzullen geheten hebben
julliezullen geheten hebben
zijzullen geheten hebben
Conditional
Imperfect
ikzou heten
jijzou heten
hijzou heten
wijzouden heten
julliezouden heten
zijzouden heten
Perfect
ikzou geheten hebben
jijzou geheten hebben
hijzou geheten hebben
wijzouden geheten hebben
julliezouden geheten hebben
zijzouden geheten hebben
Imperative
Affirmative
jijheet
Your last searches