Dutch-Norwegian translation of saboteren

Translation of the word saboteren from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

saboteren in Norwegian

saboteren
vernielingverb sabotere
Similar words

 
 

saboteren as verb
InfinitivePresent participlePast participle
saboterensaboterendgesaboteerd
Present
iksaboteer
jijsaboteert
hijsaboteert
wijsaboteren
julliesaboteren
zijsaboteren
Present perfect
ikheb gesaboteerd
jijhebt gesaboteerd
hijheeft gesaboteerd
wijhebben gesaboteerd
julliehebben gesaboteerd
zijhebben gesaboteerd
Past
iksaboteerde
jijsaboteerde
hijsaboteerde
wijsaboteerden
julliesaboteerden
zijsaboteerden
Past perfect
ikhad gesaboteerd
jijhad gesaboteerd
hijhad gesaboteerd
wijhadden gesaboteerd
julliehadden gesaboteerd
zijhadden gesaboteerd
Future
ikzal saboteren
jijzult saboteren
hijzal saboteren
wijzullen saboteren
julliezullen saboteren
zijzullen saboteren
Future perfect or future anterior
ikzal gesaboteerd hebben
jijzult gesaboteerd hebben
hijzal gesaboteerd hebben
wijzullen gesaboteerd hebben
julliezullen gesaboteerd hebben
zijzullen gesaboteerd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou saboteren
jijzou saboteren
hijzou saboteren
wijzouden saboteren
julliezouden saboteren
zijzouden saboteren
Perfect
ikzou gesaboteerd hebben
jijzou gesaboteerd hebben
hijzou gesaboteerd hebben
wijzouden gesaboteerd hebben
julliezouden gesaboteerd hebben
zijzouden gesaboteerd hebben
Imperative
Affirmative
jijsaboteer
Your last searches