Dutch-Norwegian translation of staken

Translation of the word staken from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

staken in Norwegian

staken
beroepverb streike, gå til streik, legge ned arbeidet
Similar words

 
 

staken as verb
InfinitivePresent participlePast participle
stakenstakendgestaakt
Present
ikstaak
jijstaakt
hijstaakt
wijstaken
julliestaken
zijstaken
Present perfect
ikheb gestaakt
jijhebt gestaakt
hijheeft gestaakt
wijhebben gestaakt
julliehebben gestaakt
zijhebben gestaakt
Past
ikstaakte
jijstaakte
hijstaakte
wijstaakten
julliestaakten
zijstaakten
Past perfect
ikhad gestaakt
jijhad gestaakt
hijhad gestaakt
wijhadden gestaakt
julliehadden gestaakt
zijhadden gestaakt
Future
ikzal staken
jijzult staken
hijzal staken
wijzullen staken
julliezullen staken
zijzullen staken
Future perfect or future anterior
ikzal gestaakt hebben
jijzult gestaakt hebben
hijzal gestaakt hebben
wijzullen gestaakt hebben
julliezullen gestaakt hebben
zijzullen gestaakt hebben
Conditional
Imperfect
ikzou staken
jijzou staken
hijzou staken
wijzouden staken
julliezouden staken
zijzouden staken
Perfect
ikzou gestaakt hebben
jijzou gestaakt hebben
hijzou gestaakt hebben
wijzouden gestaakt hebben
julliezouden gestaakt hebben
zijzouden gestaakt hebben
Imperative
Affirmative
jijstaak
Your last searches