Dutch-Norwegian translation of uitmergelen

Translation of the word uitmergelen from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

uitmergelen in Norwegian

uitmergelen
algemeenverb utmagre, avmagre, underernære
Similar words

 
 

uitmergelen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
uitmergelenuitmergelenduitgemergeld
Present
ikmergel uit
jijmergelt uit
hijmergelt uit
wijmergelen uit
julliemergelen uit
zijmergelen uit
Present perfect
ikheb uitgemergeld
jijhebt uitgemergeld
hijheeft uitgemergeld
wijhebben uitgemergeld
julliehebben uitgemergeld
zijhebben uitgemergeld
Past
ikmergelde uit
jijmergelde uit
hijmergelde uit
wijmergelden uit
julliemergelden uit
zijmergelden uit
Past perfect
ikhad uitgemergeld
jijhad uitgemergeld
hijhad uitgemergeld
wijhadden uitgemergeld
julliehadden uitgemergeld
zijhadden uitgemergeld
Future
ikzal uitmergelen
jijzult uitmergelen
hijzal uitmergelen
wijzullen uitmergelen
julliezullen uitmergelen
zijzullen uitmergelen
Future perfect or future anterior
ikzal uitgemergeld hebben
jijzult uitgemergeld hebben
hijzal uitgemergeld hebben
wijzullen uitgemergeld hebben
julliezullen uitgemergeld hebben
zijzullen uitgemergeld hebben
Conditional
Imperfect
ikzou uitmergelen
jijzou uitmergelen
hijzou uitmergelen
wijzouden uitmergelen
julliezouden uitmergelen
zijzouden uitmergelen
Perfect
ikzou uitgemergeld hebben
jijzou uitgemergeld hebben
hijzou uitgemergeld hebben
wijzouden uitgemergeld hebben
julliezouden uitgemergeld hebben
zijzouden uitgemergeld hebben
Imperative
Affirmative
jijmergel uit
Your last searches