Dutch-Norwegian translation of vastzitten

Translation of the word vastzitten from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

vastzitten in Norwegian

vastzitten
voorwerpenverb fastne, sitte fast
Similar words

 
 

vastzitten as verb
InfinitivePresent participlePast participle
vastzittenvastzittendvastgezeten
Present
ikzit vast
jijzit vast
hijzit vast
wijzitten vast
julliezitten vast
zijzitten vast
Present perfect
ikheb vastgezeten
jijhebt vastgezeten
hijheeft vastgezeten
wijhebben vastgezeten
julliehebben vastgezeten
zijhebben vastgezeten
Past
ikzat vast
jijzat vast
hijzat vast
wijzaten vast
julliezaten vast
zijzaten vast
Past perfect
ikhad vastgezeten
jijhad vastgezeten
hijhad vastgezeten
wijhadden vastgezeten
julliehadden vastgezeten
zijhadden vastgezeten
Future
ikzal vastzitten
jijzult vastzitten
hijzal vastzitten
wijzullen vastzitten
julliezullen vastzitten
zijzullen vastzitten
Future perfect or future anterior
ikzal vastgezeten hebben
jijzult vastgezeten hebben
hijzal vastgezeten hebben
wijzullen vastgezeten hebben
julliezullen vastgezeten hebben
zijzullen vastgezeten hebben
Conditional
Imperfect
ikzou vastzitten
jijzou vastzitten
hijzou vastzitten
wijzouden vastzitten
julliezouden vastzitten
zijzouden vastzitten
Perfect
ikzou vastgezeten hebben
jijzou vastgezeten hebben
hijzou vastgezeten hebben
wijzouden vastgezeten hebben
julliezouden vastgezeten hebben
zijzouden vastgezeten hebben
Imperative
Affirmative
jijzit vast
Your last searches