Dutch-Norwegian translation of verbouwen

Translation of the word verbouwen from dutch to norwegian, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

verbouwen in Norwegian

verbouwen
gewassenverb avle
  gebouwverb bygge om
Similar words

 
 

verbouwen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
verbouwenverbouwendverbouwd
Present
ikverbouw
jijverbouwt
hijverbouwt
wijverbouwen
jullieverbouwen
zijverbouwen
Present perfect
ikheb verbouwd
jijhebt verbouwd
hijheeft verbouwd
wijhebben verbouwd
julliehebben verbouwd
zijhebben verbouwd
Past
ikverbouwde
jijverbouwde
hijverbouwde
wijverbouwden
jullieverbouwden
zijverbouwden
Past perfect
ikhad verbouwd
jijhad verbouwd
hijhad verbouwd
wijhadden verbouwd
julliehadden verbouwd
zijhadden verbouwd
Future
ikzal verbouwen
jijzult verbouwen
hijzal verbouwen
wijzullen verbouwen
julliezullen verbouwen
zijzullen verbouwen
Future perfect or future anterior
ikzal verbouwd hebben
jijzult verbouwd hebben
hijzal verbouwd hebben
wijzullen verbouwd hebben
julliezullen verbouwd hebben
zijzullen verbouwd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou verbouwen
jijzou verbouwen
hijzou verbouwen
wijzouden verbouwen
julliezouden verbouwen
zijzouden verbouwen
Perfect
ikzou verbouwd hebben
jijzou verbouwd hebben
hijzou verbouwd hebben
wijzouden verbouwd hebben
julliezouden verbouwd hebben
zijzouden verbouwd hebben
Imperative
Affirmative
jijverbouw
Your last searches