Dutch-Swedish translation of afbladderen

Translation of the word afbladderen from dutch to swedish, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

afbladderen in Swedish

afbladderen
algemeenverb flagna, lossna i flagor
Similar words

 
 

afbladderen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
afbladderenafbladderendafgebladderd
Present
ikbladder af
jijbladdert af
hijbladdert af
wijbladderen af
julliebladderen af
zijbladderen af
Present perfect
ikheb afgebladderd
jijhebt afgebladderd
hijheeft afgebladderd
wijhebben afgebladderd
julliehebben afgebladderd
zijhebben afgebladderd
Past
ikbladderde af
jijbladderde af
hijbladderde af
wijbladderden af
julliebladderden af
zijbladderden af
Past perfect
ikhad afgebladderd
jijhad afgebladderd
hijhad afgebladderd
wijhadden afgebladderd
julliehadden afgebladderd
zijhadden afgebladderd
Future
ikzal afbladderen
jijzult afbladderen
hijzal afbladderen
wijzullen afbladderen
julliezullen afbladderen
zijzullen afbladderen
Future perfect or future anterior
ikzal afgebladderd hebben
jijzult afgebladderd hebben
hijzal afgebladderd hebben
wijzullen afgebladderd hebben
julliezullen afgebladderd hebben
zijzullen afgebladderd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou afbladderen
jijzou afbladderen
hijzou afbladderen
wijzouden afbladderen
julliezouden afbladderen
zijzouden afbladderen
Perfect
ikzou afgebladderd hebben
jijzou afgebladderd hebben
hijzou afgebladderd hebben
wijzouden afgebladderd hebben
julliezouden afgebladderd hebben
zijzouden afgebladderd hebben
Imperative
Affirmative
jijbladder af
Your last searches