Dutch-Swedish translation of afschaffen

Translation of the word afschaffen from dutch to swedish, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

afschaffen in Swedish

afschaffen
verenigingverb upplösa, avskaffa
  wettenverb avskaffa, annullera, upphäva, upplösa, återkalla
  annulerenverb annullera, upphäva, upplösa, avskaffa
Similar words

 
 

afschaffen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
afschaffenafschaffendafgeschaft
Present
ikschaf af
jijschaft af
hijschaft af
wijschaffen af
jullieschaffen af
zijschaffen af
Present perfect
ikheb afgeschaft
jijhebt afgeschaft
hijheeft afgeschaft
wijhebben afgeschaft
julliehebben afgeschaft
zijhebben afgeschaft
Past
ikschafte af
jijschafte af
hijschafte af
wijschaften af
jullieschaften af
zijschaften af
Past perfect
ikhad afgeschaft
jijhad afgeschaft
hijhad afgeschaft
wijhadden afgeschaft
julliehadden afgeschaft
zijhadden afgeschaft
Future
ikzal afschaffen
jijzult afschaffen
hijzal afschaffen
wijzullen afschaffen
julliezullen afschaffen
zijzullen afschaffen
Future perfect or future anterior
ikzal afgeschaft hebben
jijzult afgeschaft hebben
hijzal afgeschaft hebben
wijzullen afgeschaft hebben
julliezullen afgeschaft hebben
zijzullen afgeschaft hebben
Conditional
Imperfect
ikzou afschaffen
jijzou afschaffen
hijzou afschaffen
wijzouden afschaffen
julliezouden afschaffen
zijzouden afschaffen
Perfect
ikzou afgeschaft hebben
jijzou afgeschaft hebben
hijzou afgeschaft hebben
wijzouden afgeschaft hebben
julliezouden afgeschaft hebben
zijzouden afgeschaft hebben
Imperative
Affirmative
jijschaf af
Your last searches