Dutch-Swedish translation of aftobben

Translation of the word aftobben from dutch to swedish, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

aftobben in Swedish

aftobben
werkverb utmatta, trötta ut, slita ut
Similar words

 
 

aftobben as verb
InfinitivePresent participlePast participle
aftobbenaftobbendafgetobd
Present
iktob af
jijtobt af
hijtobt af
wijtobben af
jullietobben af
zijtobben af
Present perfect
ikheb afgetobd
jijhebt afgetobd
hijheeft afgetobd
wijhebben afgetobd
julliehebben afgetobd
zijhebben afgetobd
Past
iktobde af
jijtobde af
hijtobde af
wijtobden af
jullietobden af
zijtobden af
Past perfect
ikhad afgetobd
jijhad afgetobd
hijhad afgetobd
wijhadden afgetobd
julliehadden afgetobd
zijhadden afgetobd
Future
ikzal aftobben
jijzult aftobben
hijzal aftobben
wijzullen aftobben
julliezullen aftobben
zijzullen aftobben
Future perfect or future anterior
ikzal afgetobd hebben
jijzult afgetobd hebben
hijzal afgetobd hebben
wijzullen afgetobd hebben
julliezullen afgetobd hebben
zijzullen afgetobd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou aftobben
jijzou aftobben
hijzou aftobben
wijzouden aftobben
julliezouden aftobben
zijzouden aftobben
Perfect
ikzou afgetobd hebben
jijzou afgetobd hebben
hijzou afgetobd hebben
wijzouden afgetobd hebben
julliezouden afgetobd hebben
zijzouden afgetobd hebben
Imperative
Affirmative
jijtob af
Your last searches