Dutch-Swedish translation of dopen

Translation of the word dopen from dutch to swedish, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

dopen in Swedish

dopen
algemeenverb doppa
  voorwerpenverb doppa
  godsdienstverb döpa
Similar words

 
 

dopen as verb
InfinitivePresent participlePast participle
dopendopendgedoopt
Present
ikdoop
jijdoopt
hijdoopt
wijdopen
julliedopen
zijdopen
Present perfect
ikheb gedoopt
jijhebt gedoopt
hijheeft gedoopt
wijhebben gedoopt
julliehebben gedoopt
zijhebben gedoopt
Past
ikdoopte
jijdoopte
hijdoopte
wijdoopten
julliedoopten
zijdoopten
Past perfect
ikhad gedoopt
jijhad gedoopt
hijhad gedoopt
wijhadden gedoopt
julliehadden gedoopt
zijhadden gedoopt
Future
ikzal dopen
jijzult dopen
hijzal dopen
wijzullen dopen
julliezullen dopen
zijzullen dopen
Future perfect or future anterior
ikzal gedoopt hebben
jijzult gedoopt hebben
hijzal gedoopt hebben
wijzullen gedoopt hebben
julliezullen gedoopt hebben
zijzullen gedoopt hebben
Conditional
Imperfect
ikzou dopen
jijzou dopen
hijzou dopen
wijzouden dopen
julliezouden dopen
zijzouden dopen
Perfect
ikzou gedoopt hebben
jijzou gedoopt hebben
hijzou gedoopt hebben
wijzouden gedoopt hebben
julliezouden gedoopt hebben
zijzouden gedoopt hebben
Imperative
Affirmative
jijdoop
Your last searches