Dutch-Swedish translation of evalueren

Translation of the word evalueren from dutch to swedish, with synonyms, antonyms, verb conjugation, pronunciation, anagrams, examples of use.

evalueren in Swedish

evalueren
waardeverb värdera, taxera, uppskatta, bedöma
  beoordelenverb värdera, bedöma
Similar words

 
 

evalueren as verb
InfinitivePresent participlePast participle
evaluerenevaluerendgeëvalueerd
Present
ikevalueer
jijevalueert
hijevalueert
wijevalueren
jullieevalueren
zijevalueren
Present perfect
ikheb geëvalueerd
jijhebt geëvalueerd
hijheeft geëvalueerd
wijhebben geëvalueerd
julliehebben geëvalueerd
zijhebben geëvalueerd
Past
ikevalueerde
jijevalueerde
hijevalueerde
wijevalueerden
jullieevalueerden
zijevalueerden
Past perfect
ikhad geëvalueerd
jijhad geëvalueerd
hijhad geëvalueerd
wijhadden geëvalueerd
julliehadden geëvalueerd
zijhadden geëvalueerd
Future
ikzal evalueren
jijzult evalueren
hijzal evalueren
wijzullen evalueren
julliezullen evalueren
zijzullen evalueren
Future perfect or future anterior
ikzal geëvalueerd hebben
jijzult geëvalueerd hebben
hijzal geëvalueerd hebben
wijzullen geëvalueerd hebben
julliezullen geëvalueerd hebben
zijzullen geëvalueerd hebben
Conditional
Imperfect
ikzou evalueren
jijzou evalueren
hijzou evalueren
wijzouden evalueren
julliezouden evalueren
zijzouden evalueren
Perfect
ikzou geëvalueerd hebben
jijzou geëvalueerd hebben
hijzou geëvalueerd hebben
wijzouden geëvalueerd hebben
julliezouden geëvalueerd hebben
zijzouden geëvalueerd hebben
Imperative
Affirmative
jijevalueer
Your last searches